Homepagina > Nieuws > Schrijnende gevallen zo snel mogelijk helpen, maar niet uit surplus

Schrijnende gevallen zo snel mogelijk helpen, maar niet uit surplus

Op zoek naar een oplossing die werkt

23-4-2021
Ellis Jeurissen, Thérèse Claassen en Annemieke van der Zijden, de drie directeuren publieke gezondheid (DPG) van de GGD’en in Noord-Brabant hebben samen besloten om geen lijst met ‘schrijnende gevallen’ aan te leggen. De afgelopen weken is de zogenaamde ‘spillage lijst’ vaak onderwerp van gesprek. De groep ‘schrijnende gevallen’ staat als tweede doelgroep genoemd op de landelijk richtlijn om spillage te voorkomen en surplus einde dag te prioriteren. Deze is gemaakt door VWS, RIVM en GGD GHOR Nederland. In Noord-Brabant wordt deze lijst niet gemaakt. De drie directeuren begrijpen dat deze beslissing vragen oproept en daarom lichten zij deze hieronder toe.

Iedere dag ontvangen Ellis, Annemieke en Thérèse via hun eigen persoonlijke kanalen verzoeken van inwoners uit hun regio die de vaccinatie om allerlei redenen heel hard nodig hebben. “Die verhalen en verzoeken gaan me aan mijn hart, vertelt Ellis. “En ik vind dat we daar iets aan moeten doen. Het opstellen van een lijst ‘schrijnende gevallen’ is alleen niet de oplossing.  Dit zou namelijk de lijst van de valse beloftes worden.”

Geen valse hoop 
Per dag blijven er enkele vaccins per locatie over. Het hele prikproces is zo ingeregeld dat er zo min mogelijk surplus (of restvaccin) wordt overhouden aan het einde van de dag. Dat wat er overblijft wordt gegeven aan de medewerkers die op de vaccinatielocaties werken. Zij zijn groep 1 op de lijst van de landelijke richtlijn. Omdat GGD’en nog steeds opschalen en meer personeel nodig hebben, gaan de vaccins uit het surplus voorlopig nog steeds naar deze groep. “De lijst die met ‘schrijnende gevallen’ aangemaakt zou worden, komt dus voorlopig zeker niet aan bod. Daarmee geven we valse hoop en dat willen we niet.” aldus Thérèse. 

Wat is schrijnend?
Het bepalen of iemand een ‘schrijnend geval’ is, is een medische verantwoordelijkheid. Deze ligt niet bij de GGD. “Wij kennen de medische situaties niet van de inwoners in onze regio en kunnen én willen deze selectie niet maken. Deze verantwoordelijkheid ligt bij medisch specialisten en huisartsen” licht Annemiek toe. GGD’en maken de afspraak en zetten de prik. Wij bepalen niet wie wanneer aan de beurt is. 

Een oplossing die werkt
De drie DPG’en gaan in gesprek met hun huisartsen en ziekenhuizen in de regio om te bespreken hoe ze wél een oplossing kunnen vinden voor mensen waarvan het snel krijgen van een vaccinatie hét verschil gaat maken. Ellis besluit: “Hier moet een structurele, werkende oplossing voor komen. Daar maken we ons hard voor. Niet voor valse hoop.”