InwonersNieuws & infoKindvriendelijk testen

Kindvriendelijk testen bij GGD Brabant Zuidoost

Het RIVM heeft geadviseerd om per 4 april bij ieder kind een minder diepe (zogenaamde mid-nasale) coronatestafname te doen. Wij volgen dit advies op. Vanaf het begin van het testen van kinderen hanteren wij al een kindvriendelijke manier van testen. Omdat de anatomie van kinderen anders is dan van jongeren en volwassenen wordt het afnemen van de test daarop aangepast. Dat houdt in dat als het nodig is, van begin af aan al op zo’n moment is gekozen voor een minder diepe afname. Daar zijn de kinderbemonsteraars speciaal in geschoold. Bij het afnemen van de test bij kinderen wordt bovendien heel goed gekeken naar de reactie van het kind. Het belang van het kind staat altijd voorop.

Het RIVM heeft dit advies gegeven in de wetenschap dat de gevoeligheid van de test minder wordt, maar dat dit te verkiezen is vanwege de verwachting dat de testbereidheid van kinderen daarmee wordt verhoogd.

Voor het mid-nasale testen blijven wij het lange, dunne, flexibele staafje gebruiken. Wij gebruiken lange staafjes, omdat deze gebruikt kunnen worden door de laboratoria waarmee we samenwerken. Dat verschilt per GGD. Wij gebruiken materialen die passen bij de apparatuur die laboratoria gebruiken om de uitslag te bepalen.

Het gebruik van korte staafjes of lange staafjes maakt feitelijk niet uit. Het lange staafje wordt simpel gezegd minder diep de neus in gebracht (zoals nu ook al vaak gebeurt). De staafjes die wij voor het testen van kinderen gebruiken zijn heel dun en flexibel. Daar is door onze GGD en door de laboratoria juist op gelet, om zo kindvriendelijk mogelijk te testen. In de praktijk zien we heel veel kinderen opgelucht onze teststraat verlaten, omdat zij de afname van de test mee vonden vallen.

Voor jongeren en volwassen gaan wij – in lijn met het landelijke advies – niet met de mid-nasale test werken. Voor die groepen valt de afweging net anders uit: daar wordt de zekerheid van een ‘diepe’ neusswab verkozen, omdat zij hier beter mee om kunnen gaan en de verwachting is dat dit de testbereidheid weinig beïnvloedt.