Homepagina > Ouders > Vaccinaties > De vaccinatie

De vaccinatie

twee vriendinnen

Ziekten als difterie, kinkhoest, tetanus, polio, bof en mazelen komen in Nederland nog maar zelden voor. Dit is te danken aan het Rijksvaccinatieprogramma dat de overheid in 1957 introduceerde.

Binnen het programma krijgen kinderen prikken tegen een aantal gevaarlijke en soms dodelijke infectieziekten. Ouders hoeven niets te betalen voor vaccinaties in het Rijksvaccinatieprogramma. De kosten worden betaald uit de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ). Voorwaarde is dat het consultatiebureau of de GGD de vaccinaties uitvoert met de officiële vaccins.

Vaccineren helpt het immuunsysteem van een kind. Het zorgt ervoor dat het lichaam op gecontroleerde wijze antistoffen en afweercellen aanmaakt tegen de ziekmakers. Het lichaam doet dat ook als een kind de echte ziekte krijgt, maar de risico´s zijn dan veel groter. Bij zo'n natuurlijk opgelopen besmetting is het afwachten hoe ernstig de infectie is en welke gevolgen die zal hebben. Kinkhoest bijvoorbeeld, is voor kinderen een uitputtingsslag en sommige kinderen overleven de ziekte niet! Een overzicht van alle ziekten waartegen het Rijksvaccinatieprogramma beschermt vindt u op www.rijksvaccinatieprogramma.nl

Wat doet de GGD?

In het Rijksvaccinatieprogramma worden kinderen ingeënt in 4 fasen. De eerste fase start als het kind 2 maanden is. De tweede fase volgt als het kind 4 jaar is. Bij 9 jaar komt fase drie. Fase vier geldt voor meisjes in het jaar dat ze 13 worden. De eerste en tweede fase worden verzorgd door de thuiszorg. Fase drie en vier verzorgt de GGD. U krijgt hiervoor een oproep thuis gestuurd. Wanneer kinderen tijdens de eerste vier jaar een of meer vaccinaties hebben gemist, kan de GGD alsnog vaccineren tot de leeftijd van 18 jaar.

Hieronder vindt u het vaccinatieprogramma van de GGD weergegeven. Voor het volledige vaccinatieschema verwijzen wij u naar www.rijksvaccinatieprogramma.nl. Hierin staan de vaccins van fase één en twee.

Fase Leeftijd​ Injectie 1​ Injectie 2
Fase 3​ 9 jaar​ DTP (difterie, tetanus en polio)​ BMR (bof, mazelen en rode hond)​
​Fase 4​12-13 jaar ​HPV (2 keer 1 prik)

Het kind krijgt meerdere vaccins tegelijk. Voor het afweerapparaat van het lichaam (immuunsysteem) is dat geen probleem. Ook geeft de combinatie van vaccins geen extra of heftiger bijwerkingen dan losse vaccins. Omdat elke prik een kans op bijwerkingen geeft, is het juist beter om meerder vaccins te combineren in één prik.

Bijverschijnselen

Bij sommige vaccinaties kunnen bijverschijnselen optreden. Deze zijn meestal licht van aard. U moet dan denken aan lokale verschijnselen zoals pijn op de plek waar geprikt is, roodheid, zwelling en algemene ziekteverschijnselen als koorts en hangerigheid. Bij de meeste vaccinaties in het Rijksvaccinatieprogramma verschijnen de bijwerkingen dezelfde dag en duren ze niet langer dan 24 of bij uitzondering 48 uur. Na BMR-vaccinatie treden eventuele bijwerkingen pas na vijf tot twaalf dagen op. Ontstaan er bijwerkingen, dan kunt u contact opnemen met uw huisarts.

Wel of geen vaccinatie?

Of een kind gevaccineerd kan worden bij ziekte of gebruik van medicijnen is afhankelijk van de situatie. Wij raden u aan hiervoor contact op te nemen met de behandelend arts of uw huisarts. Die kan u adviseren of uw kind wel of niet mag worden gevaccineerd.

Waar kunt u een afspraak maken?

Voor de vaccinaties die uw kind krijgt in het jaar dat het 9 jaar wordt, krijgt u automatisch een oproep thuis gestuurd. Heeft uw kind in het verleden vaccinaties gemist, of bent u vanuit het buitenland in Nederland komen wonen? Dan kunt u voor een afspraak bellen met de sector Jeugdgezondheidszorg, tel. 088 0031 400.

Wat moet u meebrengen naar uw afspraak?

  • De ontvangen oproepkaart en vragenlijst
  • De vaccinatiekaart (inentingsboekje) waarop alle eerdere vaccinaties geregistreerd staan (wanneer u deze niet meer heeft, kunt u contact opnemen met het regiokantoor RIVM  Zuid, telefoonnummer 088 678 8940, dvpzuid@rivm.nl. We vaccineren ook zonder deze kaart. Wij kunnen de gegevens van de vaccinatie meegeven, zodat u deze later zelf kunt overnemen op de vaccinatiekaart.

Prikangst

Sommige kinderen zijn erg bang voor vaccinaties. Om de angst te verminderen is het belangrijk uw kind goed uit te leggen wat er gaat gebeuren. U kunt hiermee thuis al beginnen. Tijdens de vaccinatiemiddag zal de verpleegkundige het kind ook kort uitleggen hoe de vaccinatie in zijn werk gaat. Vermoedt u dat uw kind hevige angst heeft voor de vaccinatie en het moeilijk te prikken zal zijn? Geef dat dan vooraf aan bij de informatiebalie op de priklocatie.

Contact

Heeft u nog vragen? Kijk eerst bij de veelgestelde vragen. Kunt u het antwoord op uw vraag niet vinden, dan kunt u met ons contact opnemen:

  • via het contactformulier
  • via 088 0031 400. Dit nummer is bereikbaar van maandag tot en met vrijdag van 8.30 tot 17.00 uur.